Ritme - Nona op de schommel
Moeder zijn

Ons dagritme

Met twee jonge kinderen, een eigen bedrijf, het huishouden en oh ja, ook nog een soort van sociaal leven vliegen de dagen voorbij. We gaan er graag op uit en eten of slapen regelmatig buitenshuis. Best een chaotisch leven, zou je zeggen. Toch zorgen we voor structuur in de dagen. We houden waar dat kan altijd hetzelfde ritme aan. Dat geeft ons rust en houvast. Loopt het toch eens anders, dan merken we dat gelijk. We raken dan letterlijk en figuurlijk uit ons ritme. Niet handig! In deze tweedelige blog schrijf ik over hoe wij structuur geven aan ons leven. In dit eerste deel: de dag.

Structuur versus spontaniteit

Een tijdje geleden woonde ik een avond bij waar Lois Eijgenraam sprak over het slaap/waakritme bij jonge kinderen. Één zin die ze zei is echt blijven hangen: “het leven van een kind kan niet saai genoeg zijn.” Ze bedoelde daarmee natuurlijk niet dat je de hele dag samen moet gaan zitten niksen, maar dat je het leven van je kind (en jouzelf) veilig en voorspelbaar inricht. Het liefst verlopen de dagen steeds volgens hetzelfde schema. Binnen de rust en regelmaat van het schema ontstaat ruimte voor ontdekken en ontwikkeling. Juist omdat we over een boel dingen niet na hoeven te denken, houden we ruimte voor spontaniteit. Dat ziet er op een dag ongeveer zo uit.

De ochtend

Onze ochtenden verlopen vaak hetzelfde. De N’s worden als eerste wakker, meestal rond half zeven. Zij maken Max wakker, die met ze naar beneden gaat. Daar worden ze aangekleed en krijgen ze ontbijt, meestal een boterhammetje of een bakje yoghurt. Ondertussen lig ik, een echt avondmens, nog even lekker te slapen. Meestal word ik om een uur of acht gewekt met een hele dikke knuffel van Nona en Nimme. Op donderdag ben ik heel vroeg weg, dan ga ik sporten. Op vrijdag begint Max vroeg met werken, dan sta ik op met de kinderen. Hun ritme blijft hetzelfde.

Na het ontbijt is het voor de kindjes tijd om te spelen. Ik ben inmiddels aangekleed, vouw vaak boven nog een wasje en ga dan ook naar beneden. Op de dagen dat de kindjes naar de opvang gaan, is dit het moment dat we ze wegbrengen. Op de opvang houden ze ongeveer hetzelfde ritme aan als thuis, heel fijn! Als het geen opvang-dag is, gaan we er vaak even op uit. Schommelen in de speeltuin, een boodschap halen in de winkel of even fietsen naar de stad, we beslissen dat op de dag zelf. Onderweg krijgen ze vaak een banaantje of een broodje, net waar ze trek in hebben. Soms hebben ze megahonger en krijgen ze later op de ochtend nog een dadelreepje of een eierkoek.

De middag

Rond een uur of half twaalf is het tijd voor de lunch. Wat we eten is afhankelijk van waar we zijn. Meestal is het gewoon een broodje, soms met wat fruit of met iets anders lekkers. Voordat we gaan eten maken we een kringetje, pakken we elkaars handen en zeggen we hardop “eet smakelijk allemaal!” Zo luiden we het eetmoment in, tijd om te smikkelen!

Na het eten is het tijd om wat te rusten. Allebei de kindjes doen ’s middags nog een dutje. Als we thuis zijn, leggen we de kindjes na een korte versie van ons slaapritueel in bed. Als we onderweg zijn, gebruiken we de draagzak (ja, ook voor Nona) ’s Middags gaan we vaak iets leuks doen. Wandelen in het bos, naar de kinderboerderij of even naar het strand. Soms moeten we nog praktische dingen doen, in huis of langs de bouwmarkt, daar betrekken we de kindjes gewoon bij. ‘s Middags krijgen ze vaak nog wat fruit en een bakje maischips. Rond een uur of half vijf is het tijd om richting huis te gaan. Op opvangdagen halen we de N’s rond vijf uur op en zijn we rond half zes thuis.

De avond

Tijdens het koken krijgen de kindjes vaak alvast iets lekkers, komkommer of avocado. Ze spelen dan vaak nog even lekker binnen. Als de dag net te lang is, mag Nona soms een filmpje kijken. Barbapapa bijvoorbeeld, dat kijkt ze het allerliefst. Meestal kook ik en dekt Max samen met de kindjes de tafel.  Ook voor het avondeten pakken we elkaars handen vast en zeggen we “eet smakelijk allemaal!” Dan gaan we lekker eten. Soms eten we natuurlijk buiten de deur, dan loopt het wat anders, maar ook dan pakken we elkaars handen en zeggen we die zin.

Tijdens het eten bespreken we de dag. Wat was leuk, wat vond je minder leuk en wat was echt het allerleukst? Op die manier maken we alvast de overgang richting de nacht. Na het eten zeggen we een spreuk en dan is het tijd voor ons slaapritueel (of, als we buitenshuis eten, tijd om naar huis te gaan). Als de kindjes slapen, ruimt Max vaak nog de keuken op en ik vouw de was. Daarna proberen we te ontspannen. We kijken iets op televisie, ik brei of haak vaak wat en schrijf mijn blogs.

Houvast

Zo vliegen onze dagen voorbij. Ondanks dat het niet altijd lukt om dit ritme vast te houden, merken we wel dat de structuur ons houvast geeft. Het voelt ook als een logisch ritme van activiteit en rust, van inademen en uitademen. Natuurlijk luisteren we nog steeds altijd naar de signalen van onze kinderen en onszelf, maar wij merken dat dit ritme ons juist helpt bij het oppikken van die signalen. Eigenlijk zijn we heel tevreden zo! Er zijn genoeg ankerpunten én er is ruimte voor spontaniteit. Heel fijn! Hebben jullie een dagritme? Hoe ziet dat eruit?

Lees ook het volgende deel van deze blog, waarin ik schrijf over ons weekritme.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *